Uitleg over het invoeren van nabestaandenlijfrente met een hoge en lage uitkering in het inventarisatieproces.
Stappen om nabestaandenlijfrentes in te voeren
Ga naar het gedeelte 'Overige'.
Voer eerst de lage nabestaandenlijfrente als aparte uitkering in.
Voer daarna de hoge nabestaandenlijfrente als aparte uitkering in.
Kolom-instellingen aangeven
Duid aan dat de kolom alleen van toepassing is bij overlijden (ja).
Zet de overige opties op 'nee'.
Neutrale correctie en fiscale effecten
Selecteer 'last neutraal' of 'fiscaal bijtelling' indien van toepassing.
Geef de juiste aanvangsdatum in.
Kies bij effect maandlast voor 'geen'.
Kies bij effect IB voor 'verhoging'.
Opmerking: Voor elke uitkering (hoog/laag) moet een aparte invoer worden gedaan.
