Uitleg over de berekening van de toegestane jaarlast en de fictieve jaarlast bij een hypotheekaanvraag.
Berekening van het toetsinkomen
Neem het hoogste toetsinkomen.
Bereken 60% van het lagere toetsinkomen.
Tel beide bedragen bij elkaar op voor het gezamenlijke toetsinkomen.
Bepalen van de woonquote
Zoek het financieringslastpercentage dat bij het hoogste toetsinkomen hoort.
Voor het jaar 2017 is dit percentage bijvoorbeeld 14,5% bij AOW-leeftijd.
Berekenen van de toegestane jaarlast
Tel het hoogste en het lagere toetsinkomen op.
Vermenigvuldig de som met het financieringslastpercentage (bijvoorbeeld 14,5%).
Het resultaat is de maximale toegestane jaarlast.
Berekenen van de fictieve jaarlast
Bepaal het hypotheekbedrag dat getoetst moet worden.
Bereken de annuïtaire jaarlast van het bedrag tegen het vastgestelde rentepercentage (bijvoorbeeld 5%).
Het resultaat is de fictieve jaarlast.
Voorbeeldberekening
Hoogste inkomen: €12.258
Laagste inkomen: €10.149
Gezamenlijk toetsinkomen: €12.258 + 60% van €10.149 = €18.347,40
Maximale toegestane jaarlast: 14,5% x €22.407 = €3.249
Fictieve jaarlast bij €50.000 en 5% annuïtair: €3.221
Belangrijk
Belangrijk: De percentages en berekeningen kunnen jaarlijks wijzigen en zijn afhankelijk van regelgeving.
FAQ
Hoe wordt de fictieve jaarlast bepaald?
De fictieve jaarlast wordt bepaald door het hypotheekbedrag annuïtair te toetsen tegen het geldende rentepercentage.
Hoe wordt de toegestane jaarlast berekend?
De toegestane jaarlast wordt berekend door het gezamenlijke toetsinkomen met het toepasselijke financieringslastpercentage te vermenigvuldigen.
